![]()
Dit fenomeen is reeds langer bekend en wordt ook wel het Chatterjee
fenomeen of syndroom genoemd. Het wordt gekenmerkt door(zie ECG 1 ):
-persisterende, maar reversibele T-top
veranderingen tijdens normale depolarisatie na een
periode van abnormale ventriculaire depolarisatie
zoals na een pacemakerritme, na een
intermitterend bundeltakblok, na aberrantie, na een
ventriculaire tachycardie en na pre-excitatie.
De mate en richting van de T-top-verandering hangt af van de duur en richting van
voorafgaande abnormale depolarisatie. Vaak zien we
diepe negatieve T-toppen tijdens de normale depolarisatie. Soms kan dit weken aanhouden.
De arts zal beducht moeten
zijn op dit fenomeen want het doet soms wel eens denken aan het beeld passend bij een myocardinfarct.
Wat er nu precies op
cellulair niveau afspeelt en verantwoordelijk is voor dit mechanisme is nog niet geheel duidelijk.
In figuur 1 zien we in A
een normale depolarisatie, later in B heeft de
patiënt een pacemaker gekregen en zien we een pacemakerritme. In C wordt na
enkele dagen de pacemaker uitgezet en zien we diepe negatieve T-toppen ontstaan tijdens normale depolarisatie.
Enkele dagen later in D, zijn de T-toppen
weer normaal.